Annuïtair
Maandannuïteit A = P × r ÷ (1 − (1 + r)^−n). P is de openstaande schuld, r de maandrente en n het resterende aantal maanden. Per maand is rente = saldo × r en aflossing = A − rente.
De Rentecheck gebruikt geen actuele aanbiedersrentes en geen verborgen aannames. Hieronder staat precies hoe de bruto scenariovergelijking werkt.
Bereken mijn renteverschilMaandannuïteit A = P × r ÷ (1 − (1 + r)^−n). P is de openstaande schuld, r de maandrente en n het resterende aantal maanden. Per maand is rente = saldo × r en aflossing = A − rente.
Lineair: vaste aflossing = schuld ÷ resterende maanden; rente daalt met het saldo. Aflossingsvrij: bruto maandlast = schuld × maandrente en de schuld blijft in het scenario gelijk.
De vergelijkingsperiode is de kortste van de nieuwe rentevaste periode en resterende looptijd. Bij meerdere delen gebruiken we de kortste gezamenlijke betrouwbare periode. Eenmalige kosten worden afgetrokken van het cumulatieve maandelijkse bruto kasstroomverschil; de eerste niet-negatieve maand is de terugverdienmaand.
Kasstroom, rente, aflossing en resterende schuld worden apart getoond. Een lagere maandlast en een ander schuldsaldo worden nooit bij elkaar opgeteld als één besparing.